Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud

Zienswijze zonneweide ‘Quarlespolder’

Aan het College van Burgemeester en Wethouders
van Middelburg
postbus 6000
4330 LA MIDDELBURG

datum: 11 maart 2019
betreft: zienswijze zonneweide ‘Quarlespolder’

Geacht college,

Het plan om een zonneweide in de Quarlespolder aan te leggen is een slecht idee. Nut en noodzaak zijn hier niet evident. Om de volgende redenen verzoeken wij u hiervan af te zien:

  • de polder is historisch-landschappelijk te belangrijk;
  • het past niet in het provinciaal beleid;
  • er is nog geen toegespitst gemeentelijk beleid, waaraan juist behoefte is;
  • de landschappelijke inpassing ontbreekt;
  • de noodzaak voor een snelle realisering ontbreekt;
  • zonneweides komen pas in aanmerking na het maximaal beleggen van daken.

Voordat we onze bezwaren uitwerken, wijzen we op het feit dat het niet de Quarlespolder betreft maar de Nieuw- en St. Jooslandpolder. What’s in a name, maar deze is hier wel van grote landschappelijke betekenis.

Historisch-landschappelijk betekenis
De Nieuw- en St. Jooslandpolder dateert uit 1671. Historisch van belang vanwege de inpolderingsgeschiedenis van Walcheren. Deze schor werd als aanwas ingepolderd. De buitendijk werd een binnendijk en de nieuwe buitendijk de grens met het Sloe, nu de Quarlespolder (zie ook de bijgevoegde, voor ons opgestelde notitie van historisch geograaf dr A.P. de Klerk). Deze buitendijk is later versterkt met een muraltmuur. Een cultuur-historisch belangrijk erfgoed. Mede vanwege deze historische betekenis is de grens van het Nationaal Landschap Walcheren langs deze buitendijk gelegd. De Nieuw- en St. Jooslandpolder maakt hier onderdeel van uit, in tegenstelling tot de Quarlespolder.
In de ruimtelijke onderbouwing wordt hier geen melding van gemaakt. Juist vanwege deze betekenis is de voorgestelde ontwikkeling in deze polder zeer ongewenst. Een nu nog gaaf en samenhangend landschap, waarin de historische ontwikkeling van Walcheren goed kan worden afgelezen, zou verloren gaan.

Provinciaal beleid
Omdat de gemeente nog geen gericht beleid heeft voor zonneweides is het plan aan het provinciaal beleid getoetst. De globale criteria uit het Omgevingsplan Zeeland 2018 en de Provinciale Omgevingsverordening 2018 spreken van een ligging aan infrastructuur, spoorlijnen, bedrijventerreinen en koppeling aan windturbineparken. Het langgerekte zonnepark tussen de Bernhardweg-West/N254 en de Europaweg-Noord/Oost voldoet duidelijk aan deze criteria. Voor deze locatie echter is dat zeer twijfelachtig. De Bernhardweg-West/N254 is een hele duidelijke grens van het bedrijventerrein Vlissingen-Oost. De rij windturbines ten noorden van de Bernhardweg-West is al kwestieus. Een vorm van landjepik. De aanwezigheid hiervan vervolgens nog eens te gebruiken als motief voor de toelaatbaarheid van een zonneweide gaat te ver. Dat is eerder een misbruik. De provincie zegt ook bij monde van de gedeputeerde Ben de Reu dat men voorzichtig moet zijn: “terughoudendheid” (PZC 1-2-2019) en “passend in het landschap” (PZC 2-2-2019). Aan dit criterium wordt niet voldaan.

Gemeentelijk beleid
De gemeente heeft nog geen beleid voor zonneweides. Maar men heeft er wel grote behoefte aan. Dit jaar moet B&W in opdracht van de raad met duidelijke regels komen. In de inleiding van de ruimtelijke onderbouwing stelt de gemeente dit plan als een pilot te beschouwen. Om ervaring op te doen met situering, opstelling en landschappelijke inpassing. Dat lijkt het paard achter de wagen spannen. Het is logischer eerst beleid te formuleren en dan een concreet plan als toetssteen of pilot te gebruiken om te bezien of de beleidsregels goed werkbaar zijn. Niet andersom.

Landschappelijke inpassing
De landschappelijke inpassing laat te wensen over. De omringende dijken onttrekken het gebied aan het zicht en daarom zou het landschappelijk goed ingepast zijn, zo stelt B&W. Boven op de Binnendijk loopt een weg, die ook recreatief veel gebruikt wordt. Een route, die met zijn bomenrijen belangrijker is geworden nu de Boomdijk door de nieuwe aanplant de komende jaren een mager beeld zal geven. Het wegplanten van de zonnepanelen ”met hoge beplanting” om het zicht vanaf de Binnendijk weg te nemen zou te veel ruimte kosten. “Hier zal dan ook geen beplanting worden gerealiseerd”, staat er in de toelichting. Dat is wel erg kort door de bocht. Omdat we er last van hebben doen we het gewoon niet. Zetten we er hekken omheen!

Noodzaak
De noodzaak om nu een zonneweide aan te leggen overtuigt geenszins. Zonneweides zijn eerder een noodzakelijk kwaad dan een goede oplossing voor het energievraagstuk. De gemeente heeft de ambitie uitgesproken om in 2050 energieneutraal te zijn. Een lovenswaardige doelstelling. Maar die termijn geeft ook voldoende ruimte om dit zorgvuldig te doen. Een onderbouwde brede visie en een beleid voor zonneweides. Er is geen enkele reden om nu overhaast het landschap te verkwanselen ten gunste van een projectontwikkelaar, die op de subsidiepot aast. Temeer daar de energieopbrengst niet aan Middelburg ten goede komt, maar geheel naar een bedrijf in Vlissingen-Oost gaat (uitspraak SP in raadsvergadering 29-1-2019). Dus voor nul Middelburgse huishoudens.

Zonneladder
Het idee dat zonneweides een discutabele oplossing voor het energievraagstuk vormen, wordt breed gedeeld. Zo heeft het College van Rijksadviseurs bij de presentatie van Panorama Nederland, waarin men een toekomstbeeld van ons land schetst, expliciet de zonneweides veroordeeld. Eerst daken beleggen conform de zonneladder (nu 2%, potentie 50%!). We gaan de agrarische grond hard nodig hebben om de onvermijdelijke transitie van de landbouw te kunnen realiseren. Ook voor de biodiversiteit is dit gewenst. Het voorgestelde dubbelgebruik met schapen klinkt leuk maar draagt daar niets aan bij.

Conclusie
Samenvattend doen wij een appel op u: doe dit niet! Verkwansel onze schaarse buitenruimte met een grote landschappelijke en historische kwaliteit niet voor het gewin van een projectontwikkelaar. De burgers zijn de verliezers. De gemeente spint er nauwelijks garen bij. Ontwikkel gedegen beleid. Daar is nog voldoende tijd voor. Laat u niet gek maken door subsidietermijnen. Stop deze waanzin en de verrommeling van het landschap waarin elke gemeente meent met een zonneweide goede sier te maken.

Met vriendelijke groet,
Namens de Stichting Tuin van Zeeland

A.J. van Bommel, secretaris

Bijlagen:

  • notitie dr A.P. de Klerk
  • kaart Le Rouge 1745
  • topografische kaart 1912
  • topografische kaart 2004

i.a.a. Gemeenteraad Middelburg

Nieuw- en Sint Jooslandpolder

In het handboek ‘Het Nederlandse landschap. Een historisch-geografische benadering’ (Utrecht, Uitgeverij Matrijs) dat in 2010 de tiende druk beleefde, heb ik het hoofdstuk ‘Zuidwestelijk zeekleilandschap’ (pp. 32-45) geschreven. Dat mondt uit in een korte schets (pp. 41-45) van Zuidoost-Walcheren, als representatief voor dit type landschap. Die schets eindigt met de constatering: ‘Ondanks al deze veranderingen is het onderscheid tussen het oudland in het westen en het nieuwland in het oosten gebleven. Doordat de oorspronkelijke polderstructuur tussen Nieuwland en de Sloeweg-Noord intact is gelaten, is vooral dat gedeelte zeer instructief. Ten minste twee kenmerken verschaffen hier informatie over de successie van bedijking. Aan de hand van het dijkprofiel valt na te gaan wat eertijds de zeezijde, en wat vroeger de landzijde van de dijk was. De zeekant was en is in het algemeen glooiend, de landkant steil. En jongere, meer buitenwaarts gelegen polders zijn hoger opgeslibd dan oudere polders’ (p. 45).

Beide kenmerken gelden onverkort voor de polder in kwestie. Die kwam tot stand in 1671 onder de naam Nieuw ’s-Heer Arendskerkepolder. In 1686 werd dit veranderd in Nieuw-Sint Jooslandpolder. De polder geldt als een van de sluitstukken van de in 1631 begonnen inpoldering van dit deel van Walcheren. De polder markeert hier dus ook de uiterste grens van Walcheren. Daarbuiten stroomde het Sloe en aan de overzijde daarvan lagen de vanuit Zuid-Beveland bedijkte polders. Men zou de jongere, schilvormige polders zoals deze kunnen beschouwen als de groeiringen rondom de centrale en oudste polders van Sint Joosland en Nieuwland. Niet alleen het profiel en de hoogteligging, maar ook het patroon van dijken vertelt dus een zeer instructief verhaal, als de bladzijden in een boek. Dat patroon wordt nog geaccentueerd en landschapsvisueel beleefbaar gemaakt door de opgaande dijkbeplanting.

Ook al is de polder niet meer compleet (het zuidelijke deel werd door (sub-)recente ontwikkelingen in het Sloegebied weggevaagd), vooral als onderdeel van de totale, historische polderstructuur ten noorden van de Sloeweg-Noord is de Nieuw-Sint Jooslandpolder van betekenis. De aanleg van zonnepanelen zal daar afbreuk aan doen, en een onterechte relatie met het jonge industrielandschap ten zuiden van de Sloeweg suggereren.

Aad de Klerk

kaart Le Rouge 1745
topografische kaart 1912
topografische kaart 2004