Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud

Bomenkap Veerse bos en Veerse Meer

Aan Staatsbosbeheer Zuidwestelijke Delta
t.a.v. de heer Ad van Hees, hoofd
Postbus 330 | 5000 AH Tilburg

Datum: 9 november 2018
Betreft: bomenkap Veerse bos en Veerse Meer

Geachte heer van Hees,

Uw reactie van 6 november op de bezorgde mails van Peter Berkvens (een donateur van onze stichting) heeft ook ons teleurgesteld. Met hem maken wij ons grote zorgen over de kap van heel veel bomen in het Veerse Bos en langs het Veerse Meer. Het was ons bekend dat de essentaksterfte bestreden moest worden. Daarover is met Karel Leeftink gecommuniceerd. Wij begrijpen de noodzaak en hebben ons daarbij neergelegd. Maar de wijze waarop dit nu lijkt te worden uitgevoerd is wel rigoureus.

Op 4 juli hebben enkele bestuursleden van de TvZ, onder wie onze boomdeskundige F. Jonkers, met de heer S. Sandifort een rondgang gemaakt langs de te rooien objecten. Met het voorgenomen rooien van de populieren kon de TvZ instemmen. Op de vraag wat er voor in de plaats terug zou komen, werd geantwoord dat er beuken terug zouden worden geplant. Hier stemde de TvZ niet mee in en we stelden voor lindebomen (Tilia plathyphyllos) te kiezen. Dit zowel om historische als landschappelijke redenen. Een verslag van de rondgang is destijds per mail naar het Waterschap gezonden.

Staatsbosbeheer heeft steeds als beleid uitgedragen dat de zieke essen worden gekapt en dat gezonde exemplaren worden gespaard, in de hoop dat deze resistent blijken en daarmee een basis voor het voorbestaan van de es in ons landschap kunnen gaan vormen. Afgaande op de talloze rode stippen in het Veerse Bos en langs het Veerse Meer lijkt het een grote kaalslag te gaan worden. Op het oog nog gezonde essen hebben ook de fatale stip gekregen. Behalve de bomen met blauwe stip - geen essen, maar belangrijk voor nesten en schuilplaatsen van vogels - zal er niet veel over blijven. Deze zorg, die we onlangs aan Karel Leeftink hebben voorgelegd, wordt nog extra vergroot wegens de bijzondere kwaliteit van het gebied. Het door Nico de Jonge ontworpen coulissenlandschap rond de Veerse Kreek, nu het Veerse Bos genoemd, en zijn groene kadering van stroken langs het Veerse Meer, is een cultuurhistorisch zeer waardevol landschap geworden. De soms al dunne groenstroken dreigen bij de uitvoering van de geplande werkzaamheden op sommige plekken hun landschappelijke betekenis te gaan verliezen, zo dun worden zij. Karel Leeftink heeft onze vraag of Staatsbosbeheer dan gaat herplanten om dit waardevolle landschap te herstellen, voorgelegd aan uw landelijke afdeling. Het antwoord was: “Nee, er komt geen herplant. De zaailingen moeten het gaan overnemen.” Een bedroevende conclusie. Temeer daar zaailingen weer grotendeels essen zullen zijn en daardoor opnieuw problemen kunnen gaan opleveren.

Blijkbaar is Staatsbosbeheer zich onvoldoende bewust van de grote waarde van dit gebied. Bij het plan voor meer natuurvriendelijke oevers in het gebied de Veerse Kreek (in samenwerking met het Waterschap en de gemeente Veere, waarbij een Europese subsidie belangrijk was) werd de cultuurhistorische waarde met voeten getreden. Onze stichting Tuin van Zeeland heeft de toenmalige rijksbouwmeester voor het Landschap, Yttje Feddes, indertijd om advies gevraagd. Helaas kwam dit te laat. In verband met de subsidie kon de uitvoering niet meer worden stopgezet. Maar haar conclusie was: “Dit had zo nooit mogen gebeuren.” Zij heeft Staatsbosbeheer hierop nadrukkelijk aangesproken. En nu wordt weer een plan uitgevoerd, dat geen rekening houdt met de cultuurhistorische kwaliteit van dit gebied.

In dit perspectief zijn wij erg teleurgesteld over de opstelling van Staatsbosbeheer. Karel Leeftink verwijten wij hierbij niets. Hij heeft duidelijk gecommuniceerd over de opstelling van uw dienst. Graag zouden we van u vernemen welke visie aan dit plan, waarvoor de uitvoering van de eerste fase is gestart, ten grondslag ligt en welke afwegingen daarbij zijn gemaakt. Wij hopen dat u meer rekening wilt houden met de bijzondere waarde van dit gebied. Wij vragen u dringend om zo selectief mogelijk met de kap van de essen om te gaan, op structureel belangrijke plekken in het coulissenlandschap te herplanten en een ruime fasering te overwegen.

Hoogachtend,

Namens de Stichting Tuin van Zeeland

A.J. van Bommel, secretaris

c.c. K. Leeftink